Niet hetzelfde, maar ook geen twee aparte therapieën
Rood licht en infrarood zijn niet hetzelfde — maar het zijn ook geen twee totaal verschillende therapieën. Beide vallen onder fotobiomodulatie en werken via hetzelfde biologische mechanisme: licht wordt opgenomen door cellen, specifiek door de mitochondriën, waarna een reeks biologische processen op gang komt. Het verschil zit in de golflengte, en daardoor in het type weefsel dat het meeste licht ontvangt.
De vraag is dus niet welke beter is. De vraag is welke golflengte het beste past bij het weefsel en het behandeldoel dat je voor ogen hebt.
Dat klinkt simpel, maar in de praktijk zorgt dit onderscheid voor veel verwarring. We leggen hieronder uit waar die verwarring vandaan komt, wat het verschil werkelijk betekent en wanneer je welke golflengte gebruikt.
Wat veel uitleg overslaat — en wat wij anders doen
Veel websites leggen uit dat rood licht zichtbaar is en infrarood niet zichtbaar voor het blote oog. Dat klopt, maar daar houdt de uitleg vaak op. En dat is precies het punt waarop de meest relevante vraag begint: wanneer gebruik je rood licht, wanneer nabij-infrarood, en waarom worden ze zo vaak gecombineerd?
Wij vinden dat een specialist niet alleen producten moet verkopen, maar ook moet kunnen uitleggen waarom bepaalde golflengtes worden gebruikt en waar de beperkingen van de wetenschap liggen. Daarom investeren we niet alleen in productontwikkeling, maar ook in educatie via behandelprotocollen, een uitgebreide gids en masterclasses. Die combinatie van wetenschap, onderwijs en dagelijkse praktijkervaring vormt de basis van alles wat we doen.
Wanneer gebruik je rood licht, wanneer nabij-infrarood?
Om dit concreet te maken: onze panelen zijn ontwikkeld met de twee meest onderzochte rode golflengtes (630 en 660 nm) en de meest onderzochte nabij-infraroodgolflengte (850 nm). Die keuze is niet willekeurig — ze zijn gebaseerd op waar het meeste wetenschappelijke onderzoek naar gedaan is.
Rood licht (630 en 660 nm)
Rood licht wordt relatief sterker geabsorbeerd in de oppervlakkigere huidlagen. Daardoor is het bijzonder geschikt voor huidgerelateerde doelen, zoals huidverbetering en wondgenezing. Het licht dringt wel door de huid, maar de grootste concentratie van energie blijft dicht bij het oppervlak.
Nabij-infrarood (850 nm)
Nabij-infrarood dringt gemiddeld dieper door in het lichaam en wordt daardoor vaker toegepast bij spieren, pezen en gewrichten. Bovendien laat steeds meer onderzoek zien dat nabij-infrarood ook mogelijke systemische effecten heeft, waaronder een gunstige invloed op ontstekingsprocessen in het lichaam. De wetenschap geeft hier nog niet op alle vragen een definitief antwoord, maar de richting is veelbelovend.
Combinatie van beide
Bij veel behandeldoelen vullen rood licht en nabij-infrarood elkaar aan. Rood licht bereikt de oppervlakkige huidlagen goed, nabij-infrarood reikt dieper. In veel situaties is een combinatie dan ook de meest logische keuze. We hebben meer dan twintig behandelprotocollen ontwikkeld waarbij per toepassing beschreven staat welke golflengtes het meest passend zijn.
Een veelgemaakte fout bij sporters en mensen met gewrichtsklachten
Een vraag die we regelmatig krijgen, komt van sporters die online hebben gelezen dat rood licht en infrarood hetzelfde zouden zijn. Zij willen een behandeling voor spierherstel, maar denken dat elke roodlichtlamp daarvoor automatisch geschikt is.
In zo’n gesprek leggen we uit dat rood licht en nabij-infrarood weliswaar hetzelfde werkingsmechanisme hebben, maar dat de golflengte bepaalt hoe het licht door verschillende weefsels wordt geabsorbeerd. Een lamp die alleen rood licht uitzendt op 630 of 660 nm, is uitstekend voor de huid — maar als het doel dieper gelegen spieren of gewrichten zijn, is nabij-infrarood de golflengte die daar gemiddeld beter bij aansluit.
Hetzelfde zien we bij mensen met gewrichtsklachten die uitsluitend rood licht gebruiken, of juist bij mensen die denken dat alleen infrarood werkt en rood licht helemaal overslaan. De fout zit in het idee dat het één of het ander moet zijn. Na uitleg over het verschil kiezen veel van deze klanten bewust voor een paneel met zowel rood licht als nabij-infrarood, zodat ze meerdere toepassingen met één apparaat kunnen behandelen.
Penetratiediepte: waarom vaste getallen misleidend zijn
Een veelgehoorde uitspraak is dat rood licht vijf millimeter doordringt en infrarood vijf centimeter. Die getallen zijn begrijpelijk als versimpeling, maar wetenschappelijk gezien kloppen ze niet als vaste regel — en wij weigeren ze te herhalen alsof ze dat wel zijn.
Hoe diep licht daadwerkelijk doordringt, hangt niet alleen af van de golflengte. Het hangt ook af van het weefsel waar het doorheen gaat. Dunne huid laat licht anders door dan dikkere huid. De hoeveelheid water, bloed, vetweefsel en spierweefsel beïnvloedt hoeveel licht uiteindelijk de doelcellen bereikt. Pigmentatie speelt ook een rol. Elk lichaam is anders, en elk lichaamsdeel ook.
Dat willen we wel eerlijk benoemen: het is wetenschappelijk niet mogelijk om één getal te geven dat voor iedereen en elk lichaamsdeel klopt. Dat is ook waarom we in onze behandelprotocollen per toepassing kijken naar het behandeldoel en het weefseltype, en niet alleen naar de golflengte. Een uitspraak als “infrarood dringt altijd dieper door dan rood licht” is als richting zinvol, maar als absolute regel te simplistisch.
Rood licht, infrarood en de wetenschap: wat weten we wel, wat nog niet?
Fotobiomodulatie is een actief onderzoeksgebied. Er is substantieel bewijs voor de effecten van rood licht en nabij-infrarood op cellulaire processen, waaronder de invloed op mitochondriale activiteit en het effect op herstelprocessen in weefsel. Voor specifieke toepassingen zoals wondgenezing en huidverbetering is de evidentie relatief sterk. Voor andere toepassingen — zoals systemische anti-inflammatoire effecten van nabij-infrarood — groeit het onderzoek, maar zijn nog niet alle vragen definitief beantwoord.
Wij vinden het belangrijk om dat onderscheid te maken. Niet omdat we twijfelen aan de werkzaamheid, maar omdat eerlijkheid over de stand van de wetenschap meer vertrouwen waard is dan marketingclaims die verder gaan dan wat de literatuur onderbouwt.
Wat betekent dit voor jouw keuze?
Als je vooral werkt aan huidgerelateerde doelen — huidverbetering, evenredige huidtoon, ondersteuning van herstelprocessen aan de oppervlakte — dan is rood licht (630–660 nm) de meest passende keuze.
Als je werkt aan spierherstel, pezen, gewrichten of dieper gelegen weefsel, dan is nabij-infrarood (850 nm) de golflengte die daar gemiddeld beter bij aansluit.
Als je beide doelen hebt — wat voor veel mensen het geval is — dan is een combinatie van rood licht en nabij-infrarood de meest logische aanpak. Onze panelen zijn om die reden ontworpen met beide golflengtes.
Mocht je twijfelen welke aanpak of welk paneel het beste past bij jouw situatie, dan denken we graag met je mee. We hebben dagelijks contact met klanten die precies deze vragen hebben, en die praktijkervaring gebruiken we continu om onze uitleg en protocollen verder te verbeteren.
Rood licht en infrarood zijn geen concurrenten
We zien dat veel aanbieders rood licht en infrarood als twee losse producten of twee totaal verschillende therapieën presenteren. Wij kijken daar anders naar.
Beide vallen onder fotobiomodulatie. Beide werken via hetzelfde biologische mechanisme. Het verschil zit in de golflengte, in hoe het licht door verschillende weefsels wordt geabsorbeerd en welke cellen daardoor het meeste licht ontvangen. En die penetratie wordt niet alleen bepaald door golflengte, maar ook door weefseltype — iets wat in veel uitleg ontbreekt.
De vraag is niet of rood licht of infrarood beter is. De vraag is welke golflengte het beste past bij het weefsel en het behandeldoel. En in veel situaties is het antwoord: allebei.